diabetes mellitus ayurveda

Er wordt wel eens aangenomen dat diabetes mellitus een typische beschavingsziekte is. Niets is minder waar. Reeds in de vroegste vedische geschriften (zie ook historiek) werd gewag gemaakt van dit ziektebeeld, zo’n 1500 jaar voor Christus. Als Asrava in de Atharvaveda wordt voor het eerst iets gezegd over diabetes.

In de oudste en belangrijkste ayurvedische geschriften van oa. Charaka Samhita, Vaghabata en Shusutra Samhita wordt gedetailleerde omschrijving gedaan van de etiologie, pathogenese, symptomatologie en complicaties van diabetes mellitus. Tevens worden allerhande complicaties en gedetailleerde behandelwijzen beschreven.

Rode draad door het hele verhaal van diabetes binnen de Ayurveda in zowel de oorzakelijkheid alsook de behandelingswijze, zijn de drie dosha’s. Hierbij dient gezegd dat madhumeda niet specifiek als tri-dosha ziekte dient beschouwd te worden, maar steeds vanuit de drie dosha’s dient afgewogen te worden in de benadering.

madhumeha en prameha

madhumeha en prameha

In de ayurveda bestaat er een groep van aandoeningen die allemaal gekenmerkt zijn door enerzijds een verhoogde urine-afscheiding (prabhuta mutrata) en anderzijds een pathologische samenstelling van die urine (mutra) of avila mutrata genoemd. Deze groep van wel 20 aandoeningen wordt prameha genoemd. Madhumeha wordt voornamelijk gelijk gesteld met de “verzoeting” van de urine en het verhoogde “zoetgehalte” in het lichaam in deze groep. Meha betekent in het sankriet, mictie en madhumeha betekent “verhoogde mictie die tot de dood leidt”. Prameha en Madhumeha worden wel eens door elkaar gebruikt maar betekenen dus niet hetzelfde. Madhumeha is dus een veruitwendiging van Prameha.

Type-I en type-II diabetes en Ayurveda

Binnen de Ayurveda kennen we indelingen van prameha die vele gelijkenissen vertoont met de moderne alopatische classificatie. Men herkent de Sahaja Prameha (erfelijke vorm) die kan vergeleken worden met het type-I (of insuline-dependente). Daarnaast kent men Apthyanimitthaja Prameha (verkregen door zijn leefstijl of tgv. andere doshaverstoringen), welke zowat overeenstemt met wat wij nu kennen als type-II (insuline a-dependente).

Toch kan men ook op basis van lichaamskenmerken een indeling herkennen die min of meer overeen komt met de gekende type-I en –II classificatie. Globaal ayurvedisch deelt men dan de cliënten in volgens klinische eigenschappen :

1. krisha : (=sankriet voor mager, dun) wat als type-I kan worden geïnterpreteerd. (met ondergewicht). Eerder Vata als basis.

2. Sthula :  (=sankriet voor dik, solide, zwaar) wat als type-II kan worden gezien. (overgewicht). Eerder Kapha en/of Pitta als basis.

Krisha

Kenmerk : ondergewicht, vata-type, eerder type-I diabetes

Oorzaken krisha :

  • Aangeboren (sahaja)
  • Chronische ziekten
  • Overbelasting (fysiek)
  • Ondervoeding

Ontwikkeling :

Door verlies van weefsels tgv. Vata-verhoging zal de functionaliteit (van oa. pancreasweefsel) (zie verder Vayata Prameha Nidana) en de vata op zichzelf verhogen. Een vicieuze cirkel ontstaat. De beta-cellen van de pancreas verliezen hun functie, wat tot weefselafbouw van andere weefsels leidt, wat op zich weer  vata verhoogd.

Sthula

Kenmerk : overgewicht, kapha-type, eerder type-II diabetes

Oorzaken :

  • Verworven (soms met predispositie)
  • Onaangepaste voedingspatronen (zoet, te veel, te veel melk, vlees, …)
  • Onaangepaste levensstijl (soms te veel bij Pitta, soms te weinig bij Kapha)
  • Onaangepaste slaappatronen
  • Beperkt mobiliteit en bewegen

Ontwikkeling :

De pathologische toename van vet- en spiermassa door de kapha-verhogende oorzaken, zorgen voor  een blokkade van de normale stromingen (Vata) in het lichaam. Er ontstaat thv. de weefsels een betrekkelijk tekort aan insuline (insuline gevoeligheid van de cellen), waardoor Vata in zijn functie wordt verstoord.

Oorzakelijke factoren of Nidana prameha

Nidana betekent oorzaak. Steeds weer blijkt dat één of meerdere dosha’s betrokken zijn in het ontstaan van diabetes. Tot de oorzaken van prameha worden drie groepen gerekend :

  1. Samanya Nidana = algemeen dosha afhankelijke oorzaken
  2. Vishesa Nidana = specifiek dosha afhankelijke oorzaken (Kaphaya, Pittaya, Vataya)
  3. Sahaja Nidana = erfelijke oorzaken (volgens Charaka)

Samanya Nidana

De meer algemene dosha afhankelijke oorzaken zijn te onderscheiden in twee groepen met name ahara sambadi en vihara sambadi.

- Ahara sambadi = onaangepaste voeding ifv. de constitutie (zowel naar Vata, Pitta en/of Kapha). Hierbij betekent onaangepast voornamelijk dat de kwaliteiten (guna’s) van de voeding niet overeenstemmen met de noden van die constitutie. Bijvoorbeeld een Vata-type eet een leven lang koude en droge voeding, zal problemen krijgen. Een pitta-type dat teveel zure en gezouten voeding tot zich neemt, kan ook naar mudhameha problemen krijgen.

- Vihara sambadi = onaangepast gedrag ifv. de constitutie (zowel naar Vata, Pitta en/of Kapha). Hierbij betekent onaangepast voornamelijk dat er excessieve overdaad of tekorten zijn in alledaagse noodzakelijke gedragingen naar slaap, persoonlijke hygiëne, beweging, enz. Bijvoorbeeld een Vata-type doet te grote fysieke inspanningen, of een Kapha-type slaapt te lang en overdag, uiteraard gedurende zeer lang tijdsbestek in een leven. Tevens zal een bepaalde eigenschap van een dosha zich gaan verplaatsen naar ene plaats waar hij niet thuishoort. Bijvoorbeeld het zoete, opbouwende en smerende van de kapha-dosha, komt tevoorschijn in de urine, waar hij eigenlijk niet thuishoort.

Vishesa Nidana

De meer specifieke dosha afhankelijke oorzaken zijn uiteraard in drie groepen te onderscheiden met name Kaphaya, Pittaya en Vataya prameha nidana.

  • Kaphaya prameha nidana : deze oorzaken zijn vergelijkbaar met Samanya nidana, zowel naar voeding (en hun guna’s) alsook naar gedrag. Teveel zoet en opbouwend zal de kapha doen stijgen, teveel slaap en te kort aan beweging zal eveneens de kapha doen stijgen ( hier vind je het relatie tussen obesitas en diabetes als oorzaak terug)
  • Pittaya prameha nidana : ook hier zie je de speciefieke pitta-dosha-verhogende elementen optreden als oorzaak. Deze worden ingedeeld in :

          Ahara sambadi : te verzurende voeding, te zoute voeding, te scherpe voeding, te astringente voeding

         Vihara sambadi : verplaatsing van verhoogde Pitta-eigenschappen en gedrag zoals bijvoorbeeld woede in de buik, boosheid, zwartgalligheid, jaloersheid, nijd. Te grote blootstelling aan hitte (bijvoorbeeld in de zon liggen). Te gedreven in acties. Te gepassioneerd bezig zijn met het werk of andere dingen.

  • Vataya prameha nidana : hierbij zie je dat de twee voorgaande dosha-veranderingen van Pitta en/of Kapha de oorzakelijke rol spelen in de verstoring van de Vata-dosha. Ze veroorzaken twee typische vata-verstoringen :

           murgavarana : het blokkeren van Vata, meerbepaald blokkeren van het stromen van de energie thv. de srota betrokken in het systeem dat tot diabetes leidt

           dhatu kshaya : verdroging, verschrompeling en functieverlies, kortom verlies van weefselkwaliteit, wat op zich dan weer tot vata-verstoring leidt (een vicieuze cirkel)

Uiteraard zal een Vata-verstoring ook rechtstreeks het gevolg kunnen zijn van onaangepaste voeding en gedrag :

         Ahara sambadi : te weinig eten, onvoldoende voedende maaltijden, maaltijden overslaan, te droge, harde en koude voeding. Te weinig vocht in de voeding (zowel water als vetten).

           Vihara sambadi : te weinig rust, overdreven inspanningen (ook intellectueel), overdreven vasten, te weinig zonlicht en buiten komen, ’s nachts wakker blijven, kwellende beslommeringen en zorgen.

Binnen de Vataya prameha nidana tekenen zich voornamelijk te hoge rajasieke kwaliteiten af. De drang tot actie is te hoog waardoor  Vata verhoogd en het systeem tot uitputting leidt.

Sahaja Nidana

Charaka vermeldde reeds in zijn boekdelen (300-500 na C.) dat madhumeha ook erfelijk kan zijn. Enerzijds doet hij vermelding dat vader, moeder of grootouders aan de basis kunnen liggen van diabetes. De kwaliteit van het zaad (Beeja) van zowel man / vrouw kan hierbij betrokken zijn. Tevens wordt vermelding gemaakt van mogelijk ontstaan van madumeha tijdens de zwangerschap zelf, voornamelijk door teveel zoetigheden tijdens de zwangerschap of de predispositie tot diabetes van de zwangere vrouw.

Samprapati of ziektestadia

Reeds in het hoofdstuk stadia van ziekte (Shat Kriya Kal) werd ingegaan op dit thema. Specifiek naar madumeha kan men deze fazen ook herkennen. Belangrijk hierbij is uiteraard dat de eerste vier stadia, prodromi (=voortekenen) vertegenwoordigen. Dit zijn de voortekenen van de ziekten, alvorens deze als dusdanig wordt gediagnosticeerd binnen de klassieke geneeskunde.

  • Sanchaya : er ontstaat ophoping van kapha waarbij de vaste eigenschappen transformeren in meer losse vorm, zodat verplaatsing mogelijk wordt                   (prakopa)
  • Prakopa : de oorzaken, dosha-verstoringen worden dermate groot dat de kapha-dosha gaat overlopen voornamelijk bij kapha-types.
  • Prasara : kapha zal zich nu gaan verspreiden over het hele lichaam
  • Sthana  : kapha gaat zich nu in een ander weefsel nestelen, wat zich uit in meda dhatu (vetweefsel) maar ook in de andere dhatu’s zoals asthi en shukra-dhatu (hier komt de relatie tot de pancreas tevoorschijn, vnml. als startend functieverlies)
  • Vyakti : manifestatie van diabetes en verscherpen van zijn symptomen ten gevolge van twee mechanismen :

                                  1. mutravaha srota dusthi : de verstopping van de kanalen waarlangs Vata stroomt, maar ook van de pancreas zelf.

                                   2. mamsa pidika puti : verval en functieverlies van weefsel (mamsa)

  • Bedha : het stadium waarin de ziekte en zijn complicaties volop manifesteren op twee wijzen :

                                   1. Ashadya : als ongeneeslijke aandoening (letaal)

                                   2. Sthavya : als stabiele ziekte (status-quo)

Deze ziektestadia zullen zich klinisch aandienen volgens de oorzakelijke dosha-verstoring :

  • Kaphaya prameha : zoals hierboven weergegeven in de zes stadia. (met vetweefsel als hoofdrolspeler)(meer dan 10 soorten zijn beschreven)
  • Pittaya prameha : bij deze vorm zal het bloed een centrale rol spelen in verspreiding en manifestatie van de ziekte. (zes soorten zijn beschreven)
  • Vataya prameha : bij deze vorm zal voornamelijk de functionaliteit van vata (het bewegen, verspreiden, functioneren zelf) in de verschillende weefsels betrokken zijn bij diabetes (vier soorten zijn beschreven) Hiertoe behoort ook de functionaliteit van de pancreas.

Poorvaroopa of voortekenen

De voortekenen van diabetes of poorvaroopa (soms ook prodromi genoemd) helpen de ziekte te voorkomen als ze tijdig herkend worden. Hoe meer voortekenen aanwezig zijn, hoe groter de kans dat de dosha-verstoringen (Vikruti) tot madhumeha leiden op termijn.

  • gevoel van slijmerigheid in het hele lichaam
  • overvloedig zweten, slechte geur
  • neiging tot zweren
  • vermoeidheid, neiging tot meer slaap
  • krachteloosheid
  • lusteloosheid
  • zoete smaak in de mond, slijmerige tong(beslag)
  • krampen
  • hartkloppingen, vermoeidheid hart
  • storingen in het zien
  • opgezwollen voeten
  • gehoorproblemen
  • zwaartegevoel in het hele lichaam
  • veelvuldig plassen
  • brandend gevoel in handen en/of voeten

Roopa of symptomen

  • Prabhuta mutrata : polyurie of veelvuldig plassen
  • Avila mutrata : afwijkende urine in kleur, vorm, consistentie (te geel, slecht geurend, …)
  • Vishesa Lakshana : zoete smaak en geur van de urine
  • Ruksha : verdroogd lichaam
  • Alpashi : verminderde eetlust
  • Brisha Pipasa : buitensporige dorst
  • Parishanpalsheelata : onrust zowel fysiek als psychisch
  • Bahuashi : te snel en gulzig eten, teveel nood aan voeding
  • Snighda : verdroogde huid

Mutra Lakshana : de eigenschappen van de urine bij diabetes zijn dikwijls ook te vertalen naar de dieperliggende oorzaak of dosha verstoring. Zo zal een eerdere kapha-verstoring zich ook in de urine uiten door slijmerigheid, grote hoeveelheden, gele kleur, enz. Bij Vata is de kleur eerder grauwachtig, de hoeveelheden kleiner, pijnlijke mictieenz. Bij Pitta zal de geur opvallen, de kleur zal knalgeel of zelf wat bloederig zijn.

20 vormen van prameha volgens dosha's

De mutra bikara bedhas of urinaire afwijkingen zijn soms een indicatie voor diabetes en dienen steeds met een differentiële  diagnose gesteld te worden (tussen haakjes vermeld). Er zijn 20 vormen beschreven volgens hun dosha-relatie. Ze zien er als volgt uit :

Kaphaya prameha

Kapha veroorzaakt pramehas door het beïnvloeden van medha dhatu (dus het veranderen van de vetstofwisseling), de spieren en in het lichaam meer vocht op te slaan wat zich vertaald in de urine(blaas). Er zijn tien soorten prameha bekend voor Kapha :

  1. UDAKAMEHA (ook chronische nefritis) = waterige urine
  2. ISKHUMEHA (voedingsgerelateerde glucosurie) = urine als siroop van suikerriet
  3. SAANDRAMEHA (fosfaturie) = visceuze urine
  4. SAANDRAPRASAADMEHA =  vaste neerslag in de urine (gruis, “troebele wolken”)
  5. SUKLAMEHA (albuminurie) = witte kleur
  6. SUKRAMEHA (spermaturia) = urine met sperma
  7. SITAMEHA =  koud urineren
  8. SAINYAMEHA = vertraagde en zeer langzame urineren of start van het urineren
  9. LALMEHA (albuminaria) = speekselachtige urine
  10. SIKTAMEHA (Lithuria) = urine met steentjes

Pittaya prameha

Pitta verergerd door te veel verwarmende dingen in het dieet en het gedrag veroorzaakt het aantasten van medas, spieren en zal de vochtbalans in het lichaam verstoren. De urine geeft uiting aan deze oorzaak en er zijn zes soorten beschreven :

  1. KCHARAMEHA (alkanuria) =  urine als alkali
  2. KAALAMEHA (indikanuria) = zwarte urine
  3. NILAMEHA (indikanuria) =  blauwe schijn op/in de urine 
  4. HARIDRAMEHA (biluria) =  kurkuma-achtige urine (geel en zanderig)
  5. MANJISTHAMEHA (urobilinurie) =  urine is lichter
  6. RAKTAMEHA (heamaturie) = urine is diep rood, bloederig

Vataja prameha

Vata zal ten gevolge van de dosha-verhogingen van Pitta en Kapha relatief verzwakken. Op basis van de weefselzwakte creëert Vata diabetes. Prameha veroorzaakt door vata en geassocieerd met pijn heeft zwartachtige of roodachtige urine. Zo zijn vier types beschreven:

  1. MAJJAMEHA (albuminurie)> urine met majja (beenmerg)
  2. OJOMEHA (diabetes mellitus)> urine met ojas
  3. VASAMEHA (lipuria)> urine met olieachtige, vettige kenmerken (vasa)
  4. HASTIMEHA (prostatitis)> urine met speekselachtig slijm (lasika)

Upadravas of complicaties

Ten gevolge van het niet behandelen van diabetes kunnen een aantal complicaties of bijwerkingen optreden, ook upadravas genoemd. Hierbij dient gezegd dat een ayurvedische behandeling, bij uitstek deze kan behandelen. Binnen het bestek van deze informatie is de lijst van behandelingen echter te lang. Toch vermelden we hierbij de Pancha karma als ondersteunende therapie voor zowel diabetes als zijn complicaties. Specifieke Ayuvredische behandelingen van bv. diabetische retinopathie, kennen een groot effect.

Op elk dhatu-niveau zal prameha een negatieve invloed uitoefenen zodat complicaties kunnen ontstaan.

  • Rasa dhatu : hyperglycemie
  • Rakta dhatu : kwaliteit van erythrocyten daalt
  • Mamsa dhatu : necroseringen, gevoeligheid voor onstelingen, verlies van spierweefsel
  • Meda dhatu : hypertrofie
  • Asthi dhatu : demineralisatie van de botten
  • Maja dhatu : degeneratie van merg en hersenen
  • Sukra dhatu : verlies kwaliteit van Beeja (sperma, eicellen) en libidoverlies

Mogelijke complicaties : (enkel de belangrijksten)

Chronische upadravas

  • Diabetische retinopathie
  • Diabetische neuropatie
  • Gangreen, diabetische voet
  • Diabetische niersclerose nefropathieën
  • Coronaire arteriële stoornissen
  • Veneuze en arteriële stoornissen
  • Sexuele dysfuncties
  • Chronische spijsverteringsstoornissen
  • Algemen infecties tgv. immuniteitszwakte

Acute upadravas

  • Coma
  • Hypoglycemie
  • Diabetisceh ketoacidose : met braken, misselijkheid, tachycardy, kussmaul-syndroom, lethargy

Chikitsa of behandeling van madhumeha

Afhankelijk van de dieperliggende oorzaak van de prameha (Kaphaya, Pittaya of Vataya) zal men de behandeling instellen. Voeding, gedrag en eventuele kruiden(preparaten) zijn afgestemd op elk individueel persoon in functie van zijn dosha(s) en de eventuele verstoringen, net als de mogelijke complicaties die reeds aanwezig zijn. Uiteraard dient rekening gehouden te worden met de alopathische behandeling van de ziekte.

Insuline en/of medikatie worden aanvankelijk zeker verder ingenomen. Geleidelijk aan is een regressie echter mogelijk.

Behandeling van diabetes volgens ayurvedische inzichten

Uit wat voorafgaat blijkt dat een behandeling uitermate individueel dient te gebeuren. Het behandelingsplan zal steeds in functie staan van en rekening houden met :

  1. De prakriti van de patiënt (zijn constitutie)
  2. Dosha overwicht dat de ziekte veroorzaakt (Vikruti)
  3. Mogelijkse dosha-zwakte
  4. Obstructie van srota (lichaamskanaaltjes, fysiek en energetisch)
  5. De geestelijke toestand van de cliënt
  6. De voeding(sgewoonten) of ahara chikitsa
  7. De leefstijl- en gewoonten (dynacharia)

Insuline afhankelijke cliënten dienen in de eerste plaats hun insuline te blijven gebruiken. Doen er zich wijzigingen voor in de noodzaak ervan, is dit te bespreken met de behandelende arts.

doelstellingen

  1. Lichaam zuiveren
  2. Dosha’s in evenwicht brengen (Prakriti)
  3. Herstel van dhatu’s (versterken bij Krisha prameha, optimaliseren bij Sthula prameha)
  4. Voorkomen en verbeteren van complicaties (upadravas)
  5. Insuline dependentie afbouwen.

behandelmethoden

Men heeft verschillende tools binnen de ayurveda om diabetes en zijn complicaties te benaderen. Deze methoden worden aangepast aan de individuele doelstellingen. Je kan ze in twee grote groepen indelen :

  1. behandelen van krisha prameha (type-I) met insuline substitutie, vata-reducerende voeding en gedragsbenadering, antidiabetische kruidenbehandeling (zie lijst) waarbij versterking en ondersteuning centraal staan. Ondersteunende ayurvedische pancha karma ifv. van de vata-verstoring en/of eventuele complicaties. Meditatie en yoga. (vnml. pranayama)
  2. behandelen van Sthula prameha (type-II) met kapha en/of pitta-verlagende voeding en gedragsbenadering, antidiabetische kruidenbehandeling waarbij vooral vermindering van overgewicht of verstorende mentale hyperactiviteit (Pitta) worden nagestreefd. Hierbij wordt gebruik gemaakt van volgende ayurvedische principes :
  • snehana : het smeren van het lichaam, intern als extern (na zuivering!)
  • shodana : zuiverende therapievormen zoals virechanam, vasthi en vaman (onder de begeleidingsvorm pancha karma) om overtollige dosha’s te verwijderen
  • shamana : aangepaste voeding en gedrag als onderhoudsbehandeling
  • vyayama : bewegingstherapie (minimum 30’ wandelen per dag)

* onderdeel van snehana kan swedana zijn (zweettechnieken), deze dienen omzichtig gebruikt omdat net bij zowel Kaphaya prameha als Pittaya prameha, het zweten de dosha kan verhogen of de srota gaan belasten. Het is een individuele afweging welke strategie wordt aangewend.

behandeling praktisch

1. voeding :

te vermijden zijn alle voedingsmiddelen die in oorsprong een kapha of doshaverstoring kunnen veroorzaken :

  • zoetigheden
  • melkproducten (verstoppen de srota)
  • zout
  • overmatig fruitgebruik
  • overmatig dierlijke eiwitten uit vlees, vis
  • vettige voeding

aangeraden zijn alle voedingsmiddelen die stringente, samentrekkende eigenschappen  hebben :          

  •  peulvruchten als erwten,bonen, linzen (oppassen met soya)
  •              look, ui
  •              kruiden zoals zwarte komijn(zaad), curcuma, fenegriek (zeer goed!)
  •              courgetten, pompoenen, kalebassen
  •              tal van kolen en bladgroenten
  •              gerst

Ghee kan voornamelijk bij Vataya prameha worden ingezet.

2. dinacharya : gedrag

te vermijden zijn alle vata-verhogende activiteiten (bij Vataya prameha) zoals uitputtende inspanningen, slaaptekorten, te laat inslapen, … Bij Kaphaya prameha zijn vooral bewegingstekorten en slapen overdag te vermijden.

aangeraden zijn yoga en meditatie, wandelen, sporten, levensstijl ifv. je constitutie, enz.

3. Kruiden :

Meest gebruikte planten zijn Tinospora cordifolia, Curcuma longa, Glyzirriza glabra, Azadirachta indica, Trigonella foenum, Salacia reticulata, Phyllanthus emblica, Terminalia chebula, Terminalia bellerica, Ocimum santum, Terminalia arjuna en Cyperus rotondus. Deze hebben anti-diabetische eigenschappen en worden gekozen ifv. de oorspronkelijke dosha-verstoring. Ze werken hetzij hypoglycemisch en/of weefselherstellend/samentrekkend.

 

Bijzonder kruid bij de behandeling van madhumeha vormt Gurmar of  Gymnema sylvestris. Door zijn samentrekkende en herstellende werking op de beta-cellen van de pancreas, is het kruid zowel inzetbaar bij diabetes type 1 als 2. Het kruid verhoogt de natuurlijke insulineproductie en verlaagt en balanceert de bloedsuikerspiegel. Lees er meer over hier.

Opmerking : Shjilasjit is een betumen-achtig mineraal complex met sterk weefselherstellende eigenschappen dat wordt ingezet bij ondermeer diabetes.

4. Pancha Karma :

Een pancha karma, voorafgegaan door detoxen en poorva karma kunnen uitermate doeltreffend worden ingezet bij diabetes. Aangezien het om een systeemaandoening gaat die zich  dikwijls in stadium 5 (Vyakti) of 6 (Bedha) is een langere pancha karma aangewezen. Makkelijk kan een behandeling tussen 21 en 28 dagen duren.

Het doel is hierbij voornamelijk verhoogde dosha’s te elimineren (dmv. shodana) en het weefsel te versterken (brahmana) en te verjongen (rasayana). Zowel de diabetes alsook de reeds ontwikkelde complicaties.


De gegevens op deze site zijn zuiver van informatieve aard en pas bruikbaar na een diagnose door een deskundig geneeskundige, therapeut of voedingsdeskundige. Raadpleeg eerst een deskundige en sla nooit professioneel advies in de wind.

© Open Instituut voor Ayurveda

Kruid van de maand

Jasmijn - Jasminum grandiflorum

jasmijn

Thema van de maand

Gandusha - oilpullen

Gandusha

 

Dossier van de maand

Aften - Mukha paka

Mukhapaka