nadi marmapuntentherapie

Marmatherapie is de Ayurvedische kunst vitale lichaamspunten te behandelen. Behandelen kan verschillende betekenissen hebben :

  • het stimuleren van organen
  • het harmoniseren van lichaam en geest
  • het ontgiften, versterken en vernieuwen van het lichaam
  • het optimaliseren van de spijsvertering
  • het verfijnen van zintuigelijke functies
  • ouderdomskwalen verzachten of genezen

Het zelfgenezend vermogen van ons lichaam wordt langs energetische punten door hetzij opheffen van blokkades, hetzij betere energiedoorstroming, verbeterd.

De levensnoodzakelijke energiestroom kennen we ook als prana of essentieële levensenergie, die zich voltrekt langs nadi’s.

Het is dus niet de therapeut die geneest; hij behandeld enkel, waardoor de cliënt het zelfgenezend vermogen optimaal gaat benutten.

Prana

Prana, uit het Sanskriet : de adem, die er was voor alles, de eerste vibratie.

Prana is de beweger die de stille universele energie Purusha in het manifeste leven Prakruti transformeert en die zich manifesteert in alle levende wezens als het subtiele bewustzijn maar ook als de naar buiten gerichte adem die alle levensfuncties onderhoudt. 

Deze prana stroomt door alle nadi’s van het lichaam. Nadi’s zijn de fijnste energiekanalen die bij hoge energetische concentratie en/of aan de oppervlakte verschijnend, als marma’s gekend zijn. Men spreekt van 72.000 nadi’s (soms vermeld men er 350.000).

Ook onze handen bezitten deze nadi’s waarlangs we zowel fysieke als ook energetische fijngevoeligheid kunnen ervaren. Nadi’s waarlangs een “healing touch” mogelijk is, door prana te gaan “spenderen”.

Nadi’s

Het netwerk van uiterst verfijnde energiekanalen of nadi’s kent twee verschijningsvormen of werkingsprincipes :

  • enerzijds de reeds eerder beschreven intern georiënteerde levensstroom naar het subtiele bewustzijn en de vitale levensfuncties.
  • anderzijds de mogelijkheid energetische fijngevoeligheid te kunnen ervaren en opnemen.

De energetische stromen kunnen aldus zowel van binnen naar buiten worden gezien alsook van buiten naar binnen. Later in dit hoofdstuk gaan we hier dieper op in.

Laten we vooreerst de hoofdnadi’s bekijken en de korte relatie tot chakra’s :

Men kan drie niveau’s onderscheiden waarin de subtiele energie zich aan dient. Zij vormen als het ware een link tussen lichaam en geest. Zij zijn als geheel systeem ook onlosmakelijke verbonden met elkaar.

  •           7 chakra’s
  •          14 nadi’s
  •       107 marmapunten.

De chakra’s kunnen als de meest subtiele energetische centra worden beschouwd. De natuurlijkheid van deze centra situeert zich het dichts bij prana, de energetische uitdrukking ervan is minst fysiek.

De nadi’s zijn de subtiele energetische kanalen dewelke vanuit  de verschillende chakra’s tot de aansturing van het meer fysieke lichaam komen. De nadi vormt hier de brug tussen chakra’s en marmapunten.

Marmapunten zijn op hun beurt de plaatsen waar de nadi’s dermate oppervlakkig of energetisch sterk vertegenwoordigd zijn, dat ze  daar bereikbaar worden

Elke chakra heeft zijn corresponderende nadi(‘s) waarlangs zijn energie wordt gedragen naar verschillende lichaamszones.

1.Alambusha nadi

Alambusha nadi - Muladhara chakra

Van centrum van de basis-chacra tot het rectum.

Voorziet in prana naar de uitscheidingsorganen. Gerelateerd aan Apana Vata (cfr. later)

Overeenstemmende marma : Guda (anus)

2.Kuhu nadi

Kuhu nadi - Svadhishthana chakra

Van basis van de wervelkolom over de sacrale chakra tot het uiteinde van  van de urether.

Voorziet in prana naar het urinaire systeem en de voortplantingsorganen. (Apana Vata)

Overeenstemmende marma : Basti (blaas)

3.Vishvodara nadi

Vishvodhara nadi – Manipura chakra

Van basis van de wervelkolom door het abdomen naar nabi.

Voorziet in prana naar het spijsverteringssysteem en –vuur. (cfr. later :  Samana vata, Panchaka pitta, Kledaka kapha)

Overeenstemmende marma : Nabhi (navel)

4.Varuna nadi

Varuna nadi – Anahata chakra

Van basis van de wervelkolom tot de hart chacra om van daaruit het hele lichaam te voorzien in prana, meer specifiek naar het ademhalingssysteem, de huid en het vaatstelsel. (Vyanu Vata, Avalambaka kapha, Brhajaka Pitta, cfr. later)

Overeenstemmende marma : Hridaya (hart)

5.Sarasvati nadi

Sarasvati nadi – Vishuddha chakra

Van basis wervelkolom tot de keel tot het uiteinde van de tong(punt).

Voorziet in prana voor keel, mond, tong en spraakorganen. (Udana Vata, Bodhaka Kapha, cfr. later)

Overeenstemmende marma : geen, wel relatie tot Nila en Manya

6. Sushumna nadi

Sushumna nadi – Ajna chakra

Van basis van de wervelkolom tot kruinpunt hoofd met verbinding tot het derde oog.

Voorziet in prana voor centrale zenuwstelsel, hersenen, perifere zenuwstelsel en steunweefsel (botten). (Prana Vata, Sadhaka Pitta, Tarpaka Kapha, cfr. later)

Overeenstemmende marma : Staphani en Adhipati

Het derde oog voorziet in prana langs zes specifieke nadi’s (van 7 tot 12) : vooral zintuigelijk georiënteerd. (smaak, geur, zien, horen, …)

7.Pingala nadi

Pingala nadi – Ajna chakra

Van derde oog tot (rechter) neusvleugel doorgetrokken tot root chacra.

Voorziet prana aan alle vurige processen (Pitta) in het lichaam en de rechter nadi’s.

Overeenstemmende marma : Phana marma rechts (neusvleugels)

8.Ida nadi

Ida nadi - Ajna chakra

Van derde oog tot (linker) neusvleugel doorgetrokken tot root chakra.

Voorziet  prana aan alle waterige processen (Kapha) in het lichaam en de linker nadi’s.

Overneenstemmende marma : Phana marma links (neusvleugel)

9.Pusha nadi

Pusha nadi – Ajna chakra

Van derde oog naar rechter oog doorgetrokken tot de navel.

Voorziet prana naar het zintuigelijke maar vooral rechter oog. (waaktoestand) (Alochaka Pitta, cfr.later)

Overeenstemmende marma : Apanga marma rechts

10.Ghandari nadi

Gandhari nabi – Ajna chakra

Van derde oog naar linker oog doorgetrokken tot de navel.

Voorziet in prana naar het zintuigelijke maar vooral linker oog (verbeelding) (Alochaka Pitta, cfr. later)

Overeenstemmende marma : Apanga marma links

11.Payasvini nadi

Payasvini nadi – Ajna chakra

Van derde oog naar rechter oor doorgetrokken tot de keel.

Voorziet in prana voor het horen (mooie)  maar ook voor de rechter buis van Eustachius.

Overeenstemmende marma : Vidhura marma rechts (rotsbeen)

12.Shankini nadi

Shankini nadi – Ajna chakra

Van derde oog naar linker oor en doorgetrokken tot de keel.

Voorziet in prana voor het horen (hogere devotie) maar ook de linker buis van Eustachius.

Overeenstemmende marma : Vidhura marma links (rotsbeen)

De ledematen zijn eveneens voorzien in een systeem van nadi’s, specifiek voor de linker en rechter lichaamshelft. Deze nadi’s vinden hun oorsprong in de root chacra en doorlopen of beter gezegd doorkruisen daardoor heel wat andere nadi’s. Daarom hebben deze nadi’s op de ledematen een belangrijke functie bij het behandelen zoals later zal blijken.

13.Yashasvati nadi

Yashasvati nadi – Muladhara chacra

Van root chakra naar navel chakra om van daaruit te verspreiden naar rechter voet en hand. Vanuit het centrum van voet en hand verspreidt zich de prana naar tenen/vingers. Eindigend in de rechter duim en dikke teen.

Voorziet in prana naar alle andere marma’s (rechts) maar specifiek naar rechter oog en de vurige processen. (Bhrajaka Pitta, Vyanu Vata, Sleshaka Kapha)

Overneestemmende marma : rechter Kshipra en Talahridaya.

14.Hastijihva nadi

Hastijihva nadi – Muladhara chakra

Van root chakra naar navel chakra om van daaruit te verspreiden naar linker voet en hand. Vanuit het centrum van voet en hand verspreidt zich de prana naar tenen/vingers. Eindigend in de linker duim en dikke teen.

Voorziet prana naar alle andere marma’s maar specifiek naar waterige processen en is daarom eerder koelend.

Overneenstemmende marma : linker Kshipra en Talahridaya.

Een marmapunt is niet zomaar een plaatsje op je lichaam. Het is een gebied dat welbepaalde eigenschappen en kenmerken heeft, maar dat ook verbonden is met organen, orgaanfuncties en vooral ook dosha’s. Marma’s hebben ook een bepaalde rangorde en volgorde. Zo zijn er hoofdmarma’s en ondergeschikte marma’s of submarma’s.

Marma's

Ons lichaam bestaat uit organen, weefsels, cellen, lichaamsvochten allerhande. Deze zijn onderling verbonden met een netwerk van kanalen en structuren. Alle lichaamssystemen zijn verbonden met elkaar en werkzaam dankzij substanties en energieën. De permanente uitwisseling van informatie en de circulatie van deze substanties en energieën maken van ons wat we zijn.

De oude Ayurvedische leermeester Sushruta (1000 V.C.) omschreef dit hele lichaamssysteem, waaronder ook de 107 marmapunten.

De marmapunten zijn expliciet herkenbare anatomische locaties, die diepere fysiologische en psychologische processen aan de oppervlakte herkenbaar maken.

Men kan de marma’s beschouwen als relais van lichaam en geest. Relais waar informatie over het lichaam, zijn organen en orgaansystemen, maar ook bewustzijnsinhouden en gevoelens aan de oppervlakte treden.

Net als bij de nadi’s en hun energiestroomrichting, zijn marma’s tevens ook als het ware ontvangststations. Marma’s laten je toe anderen te voelen, zonder ze aan te raken (haptonomie) of zelf in de toekomst te kijken langs je buikgevoel (Nabhi). Wie kent niet het gevoel dat er dreiging op komst is, zonder dat je het echt onder woorden kan brengen of er een verklaring kan voor geven?

Het visionaire aspect, waarbij inzichten en visies ons verder in de toekomst brengen en laten kijken, danken we dan weer aan de hoofdmarma Staphani (derde oog).

Hier kan men ook de link situeren met de Vedische astrologie en – geneeskunde. Mens, natuur en kosmos vormen één geheel. De wisselwerking van mens tot mens, van de mens tot zijn omgeving, alsook de invloed van zijn dagelijkse ritmes en levensgewoonten (dynacharia) beïnvloeden de marma’s. (bv. zon, zomer, warm gevoel vanbinnen).

De stand van de maan, planeten en galaxyen mengen zich met de energetische toestand van de marma’s. Zo heeft de maan dezelfde invloed op je lichaam langs de marma’s als op de getijden van onze oceanen. Zo zullen de zon en de stand van de planeten hun kosmische kwaliteiten laten gelden in je hartmarma. Kracht en zwakte zijn herkenbaar als cyclische manifestaties van hun omlooproutes in ons zonnestelsel en zelf daarbuiten.

fysieke en energetische definitie

Marma’s zijn :

  • plaatsen waar verschillende weefseltypes samenkomen zoals spieren, botten, zenuwweefsel, kanalen (aders, lymfevaten, luchtwegen, …). Meestal is één weefseltype dominant.
  • plaatsen waar nadi’s oppervlakkig onder de huid lopen en als het ware contact kunnen nemen met de buitenwereld.
  • plaatsen waar dosha’s en subdosha’s als subtiele energetische bewustzijnstroom kunnen aangeraakt worden.
  • vitale punten die de connectie vormen tussen het grondstoffelijk lichaam en het fijnstoffelijk lichaam (cfr. haptonomie, aura, …)
  • plaatsen waar lichaam en geest samenkomen, waar pijn kan gevoeld worden bij aanraking, waar onbewuste processen leiden tot mentale, sensitieve en emotionele reacties, waar zelf negatieve emoties en mentale blokkaden in beweging gebracht kunnen worden.
  • punten of gebieden die bij beschadiging de dood, ziekte, invaliditeit of ernstige pijn kunnen veroorzaken :

                        - Sadya pranahara : “sudden death”

                        - Kalantara pranhara : langzame dood door verlies/afvloeien van prana 

                        - Vishalyaghna : doorboring van marma met hevige pijn en

  functiebeperkingen

        - Vaikalyakara : functiebeperking

        - Ryakara : pijn en/of ontseking veroorzakende kwetsuur.

Marma’s zijn anatomisch te localiseren a.h.v. fysiek-anatomische herkenningspunten. De kennis van deze anatomie is aldus belangrijk. Desondanks dient de therapeut er zich steeds bewust van te zijn om te gaan met energetische punten. Behandelen van marma’s is dus vooral het behandelen van Prana en niet zozeer het fysiologische weefsel of onderliggend orgaan. Men zal langs deze energetische weg ook de dosha’s beïnvloeden.

soorten marma's

Men kan marma’s indelen volgens verschillende criteria. Zo is er de indeling naar letaliteit (oude gevechtstraditie zoals Kalarypayattu) of naar therapeutische waarde en functionaliteit (Ayurvedische visie naar dosha’s). Men kan de marma’s ook indelen naar fysieke locatie (armen, benen, romp, rug, hoofd) of naar dominante weefselsoort. Deze laatste kan interessant zijn om ook de juiste localisatie te helpen bepalen :

Indeling marma’s naar weefselsoort :

  • Mamsa marma : (spierweefsel), fascia’s, membranen, spieren zelf
  • Sira marma : (bloedvaten), aders, slagaders, het veneuze systeem, lymfesysteem
  • Snayu marma : (ligamenten), gewrichtsligamenten, pezen, kringspieren, aponeurozen.
  • Asthi marma : (botten), beenderen, tanden, nagels, kraakbeen
  • Sandhi marma : (gewrichten), beweeglijke (Hp, Sch), semi-beweeglijke (Kn, Vgrs) en vaste gewrichten (schedelfissurae)

Vaghbatta (6.eeuw na Ch., Asthanga Hridaya) voegde nog een zesde soort marmaweefsel toe aan die van Sushruta

  • Dhamani marma : (zenuwen) hersenweefsel, spinale zenuwen, perifere zenuwstelsel

grootte van marma's

De grootte van een marma wordt uitgedrukt in de oude Indische maat anguli parimana of vingeréénheid. De oude berekingswijze van deze maat komt erop neer dat één anguli overeenstemt met de lichaamslengte gedeeld door 84. Globaal gezien mag je ervan uitgaan dat één anguli gewoon de vingerdikte is van de wijsvinger van je te behandelen persoon. Je hebt marma’s waarvan het marmagebeid ½ anguli groot is (bv. Adipati) anderen 4 anguli (bv. Nabhi).

Een marmapunt is niet zomaar een plaatsje op je lichaam. Het is een gebied dat welbepaalde eigenschappen en kenmerken heeft, maar dat ook verbonden is met organen, orgaanfuncties en vooral ook dosha’s. Marma’s hebben ook een bepaalde rangorde en volgorde. Zo zijn er hoofdmarma’s en ondergeschikte marma’s of submarma’s.

Marmagebied

Een marmagebied kan ½ anguli tot 4 anguli groot zijn. Het zijn ernergetische gebieden waar via de nadi’s verbinding wordt gemaakt met onderliggende organen, weefsels, structuren en andere marma’s. Elke marma is dus ook verbonden met alle andere marma’s. Je kan zelf marma’s als spiegelende of refererende marma terugvinden op de ledematen (Hridaya – Talahridaya)

Een bijzondere vorm van marmagebied is de ringmarma. Bepaalde gebieden op de ledematen kunnen één of meerdere punten hebben, dewelke meestal in een circulair omtrekkend gebied refererend, gelijkaardige of ondersteunende werking kennen. (Bv. Kshipra)

Marmagebieden zijn de plaatsen waar dosha’s en subdosha’s als het ware energetisch kunnen worden aangeraakt. Je vindt er ook alle Ayurvedische basisprincipes (cfr. later) in terug. De vijf elementen (mahabuthas), het stofwisselingsvuur (agni), de getransformeerde geluks-en voedingsenergie (ojas), de 7 weefsels (sapta dhatus), de geestelijke eigenschappen (guna’s; sattva, rajas, tamas) en zoals reeds eerder gezegd de dosha’s (Vata, Pitta, Kapha).

Binnen elk marmagebied vind je een plaats waar de totnogtoe besproken elementen samengebundeld voorkomen op één punt : het marmapunt.

Marmapunt

Volgens Vaghabata wordt een marmapunt omschreven als een tila. : een vitale plaats ter grootte van een rijstkorrel.

Het terugvinden van deze spreekwoordelijke naald in een hooiberg (of is het een rijstkorrel?) mag niet als absoluut en allesomvattend worden beschouwd. Zoals we later zullen bespreken is de intentie van de therapeut even belangrijk, zoniet belangrijker, dan het vinden van die ene kleine plek.

Hoofdmarma

Ons hele lichaam, onze geest, het functioneren van organen en orgaansystemen, ons hele wezen en zijn, alle energieën worden in de Ayurveda omschreven als Atma. Uit deze atma ontspringen in hiërarchische volgorde dan 3 hoofdmarma’s en 5 ondersteunende marma’s. Alle andere marma’s zijn tot deze hiërarchische volgorde onderworpen. Je begrijpt dat echter de één niet zonder de andere kan, al was het maar omwille van de onderliggende structuur van de nadi’s. In elk marmapunt vinden we trouwens alle andere marma’s terug).

De drie Ayurvedische dosha’s worden elk gelinkt aan een werkingsgebied. Het hoofd en bovenste borst-halsregio aan Kapha, de borstkast aan Pitta en de onderbuik aan Vata. Deze werkingsgebieden stemmen overeen met de volgens Charaka ingedeelde hoofdmarma’s : Basti (blaas), Hridaya (hart) en Sthapani (pijnappelklier, derde oog). Deze hoofdmarma’s komen tegenover de dosha’s  te staan zoals hun zetels:

  • Basti voor Vata
  • Hridaya voor Pitta
  • Sthapani voor Kapha

Submarma's

Ondergeschikt aan deze drie hoofdmarma’s vinden we de eerste rangorde van 5 submarma’s met belangrijke functie. Inzicht in de Ayurvedische principes verleent een diepe toegang tot de kennis en praktijk van de marmapunten.

Deze submarma’s zijn :

  • adhipati
  • nila / manya
  • nabhi
  • gudha

Hun specifieke functie wordt omschreven in het hoofdstuk marmapunten.

headmarma


De gegevens op deze site zijn zuiver van informatieve aard en pas bruikbaar na een diagnose door een deskundig geneeskundige, therapeut of voedingsdeskundige. Raadpleeg eerst een deskundige en sla nooit professioneel advies in de wind.

© Open Instituut voor Ayurveda

Kruid van de maand

Jasmijn - Jasminum grandiflorum

jasmijn

Thema van de maand

Gandusha - oilpullen

Gandusha

 

Dossier van de maand

Aften - Mukha paka

Mukhapaka